De club » Geschiedenis

In 2011 bestaat de GOZC 75 jaar. Dat is toch wel een respectabele leeftijd. De
redactie van het clubblad van de GoZC; “De Overland” wilde wel eens weten hoe het zweefvliegen in ’t
Gooi is begonnen en hoe het zich heeft ontwikkeld. Redactielid Gerard Rijerse
deed wat onderzoek en schreef zijn bevindeingen op.

Hoofdstuk 1: Het begin (1936-1947)

We schrijven het jaar 1934. Nederland is in de ban van de luchtvaart. Een
Nederlands passagiersvliegtuig van de KLM, een twee-motorige DC 2, de
“Uiver”, heeft de Melbourne race gewonnen !!!. Een race die de wereld
omspande……

Het enthousiasme voor de luchtvaart was groot in die tijd. Er werden
verschillende luchtvaartclubs opgericht. Zo ook in onze regio.
In april 1934 was er in restaurant ‘Het Hof van Holland’ (aan de Kerkbrink in
Hilversum) een tentoonstelling: de Eerste Hilversumsche Luchtvaart Tentoonstelling.
Het Goois Vliegveld Comité werd opgericht en men ging op zoek naar
een geschikte locatie om een vliegterrein te beginnen. Een paar suggesties in die
dagen waren een terrein bij de Crailose brug (tussen Hilversum en Bussum) en
er zijn tekeningen gemaakt voor een groot vliegveld aan de Loosdrechtseweg.
1936. Inmiddels was er een vereniging opgericht met als zetel Zeist: de Sticht-
Gooische Kleine Luchtvaartclub, kortweg genoemd de SGKL.
De Hilversumse afdeling van de SGKL had in 1936 een zweeftoestel een
Zögling, de PH- 47, tentoongesteld in de showroom van de Chevrolet dealer
J.Hoggüer aan de Groest nr. 9. Deze kist was in Nederland gebouwd door de
Zeister Zweefvliegfabriek in Zeist. (Ook de PH- 48, eveneens een Zögling,
werd door dezelfde fabriek gebouwd voor de SGKL).
De belangstelling voor dit bijzondere toestel was enorm. Als toetje werd een
luchtvaart-propaganda-avond gehouden in Hotel Jans (toen aan de Stationsstraat
in Hilversum) : het was druk, geen stoel was onbezet….
Door dit grote succes kregen een paar jonge Hilversumse SGKL- leden het idee
om te gaan verzelfstandigen (ook toen al). Met name de heren Sweers,
Burgstede, Drossen en Wolters spanden zich in om als een Hilversumse club
verder te gaan, en met succes. Tot groot verdriet van de afdeling Zeist van de
SGKL, scheidde de Hilversumse afdeling zich af van de moederclub.
Dit gebeurde eind 1936. En op 22 december 1936 werd opgericht de
Hilversumsche Zweefvlieg- en Kleine Luchtvaartclub. De HZKL.
De koninklijke goedkeuring kwam een paar maanden later, op 30 juni 1937.
Het eerste bestuur bestond uit een voorzitter de heer de Bruine, de secretaris was

1
een krantenbericht in de Gooi en Eemlander

de heer Nouwen, de penningmeester de heer Hartwijk. Verder was er nog een
tweede secretaris (Vermaas), een comissaris (Wolters) en een tweede
penningmeester, de heer Sweers. Laatstgenoemde was, tot hij een paar jaar
geleden overleed, nog regelmatig te gast bij de Gooise……..
De club kreeg de beschikking over een verenigingsruimte aan de Mauritsstraat
nummer 1 te Hilversum en een materiaalopslagplaats aan de Torenstraat. Er was
één kist beschikbaar: de PH 47 “Zögling” en er werd hard gewerkt aan de lier.
De liertrommels waren gemonteerd op de wielen van de clubauto, een echte
Spijker…...

Het grootste probleem was het vinden van een vliegterrein. Er werd gelobbied
bij defensie voor een terrein bij het Kamp van Laren, dit werd afgewezen in
verband met militaire belangen. Uiteindelijk werd er een terrein gevonden op de
heide tussen Hilversum en Bussum, tegen de grens van Bussum: “De Oude
Renbaan”. ( er werd ook wel gesproken over de heide bij het “Waschblik”)
In het najaar van 1937 werd de eerste start gemaakt met de PH 47. Vóór men
begon met vliegen moest het terrein worden afgebakend met vlaggen, de
toegangswegen afgezet en waarschuwingsborden geplaatst. Twee Rode-Kruis
mannen en drie politieagenten moesten zorgen voor een ordelijk en veilig
verloop van de vliegdag…… Er was één instructeur (en tevens zweefvliegtechnicus):
luitenant Brettscheider. De eerste lessen waren z.g. “wakkeloefeningen”
of “sledevaarten” : proberen horizontaal te blijven, zittend op de
kist en voortgetrokken door de Spijker- lier. Na de eerste “vlieg”dag werd het
hele circus weer afgebroken, ingeladen en ging het terug naar de Torenstraat.
In de winter 1937-1938 werd in Hof van Holland een tentoonstelling
georganiseerd door de HZKL. Er werd daar o.a. een tweezitter prestatiekist, een
Kranich tentoongesteld, de PH 99.

2
start van een ESG op de heide bij Bussum

Op 17 april 1938 was het feest bij de HZKL: er was een nieuwe kist in gebruik
genomen. Het was de PH 82, een open éénzitter van het type ESG. Hij werd
door de instructeur ingevlogen die dag, en voldeed volkomen aan de gestelde
eisen. Er werden starts gemaakt die wel 80 seconden duurden……
Op 16 juli 1939 haalde bestuurslid de heer Wolters, als één van de eersten van
de club, zijn A-brevet. In datzelfde jaar werd de PH 47 “Zögling” afgeschreven
na een mislukte landing.

Inmiddels was ten zuiden van Hilversum een nieuw vliegveld aangelegd. Het
werk was uitgevoerd in het kader van de tewerkstelling door tewerkgestelde
werklozen.In de zomer van 1939 was het werk klaar en maakte een Fokker CV
een proeflanding, maar maakte toen diepe voren in het gras…. Het veld zou
officieel worden geopend op 30 september, maar dat werd verhinderd door de
algemene mobilisatie. Het vliegveld werd in gebruik genomen door defensie en
er werden militaire toestellen gestationneerd.

In 1940 werd de 25-jaar-oude Spijker, bouwjaar 1915 (!) ingeruild voor een tien
jaar oude Ford. In het voorjaar van dat jaar werden de zweefvliegactiviteiten op
de Oude Renbaan weer opgepakt. Na de eerste start al, landde de ESG in een
boompje dat op de landingsbaan stond. Dat kostte twee weken repareren!
Net vóór de tweede wereldoorlog uitbrak, op 24 maart, werden de eerste Bbrevetten
van de club behaald door de heren Herwich, Sweers en Wolters jr.

Op 2 mei 1940 werd de laatste zweefvlucht gemaakt op de Oude Renbaan.
10 mei 1940 werd het vliegveld ten zuiden van Hilversum aangevallen door de
Luftwaffe (zie ook “De Overland” van juni en september 2005: het verhaal van
Robbert Korpershoek) Na de capitulatie werd het vliegveld gebruikt door de
Duitse Luftwaffe.

Op 15 juli 1940 kregen de clubbesturen een schrijven van de KNVvL (in
opdracht van het Duitse opperbevel) dat het zweefvliegen voorlopig was
verboden. Aangeraden werd om de zweeftoestellen te demonteren, zo goed
mogelijk op te bergen, en te wachten op betere tijden.
Tijdens de oorlogsperiode hebben de leden van de HZKL alleen maar kunnen
drómen van zweefvliegen…….

Maart 1946. Het begint weer te kriebelen. Op 29 maart is er een ALV. De club
heeft op dat moment 35 leden. ( inclusief vijf B- brevet houders en twee Cbrevet
houders) Er komt nieuw bestuur: De heer Vierstra wordt voorzitter en de
heer Sweers krijgt de functie van penningmeester. De legendarische Dick
Robeer (later jarenlang beroeps -techneut en instructeur) wordt één van de
commissarissen. De vloot bestaande uit de PH 47, de PH 48 en de PH 82 ESG,
wordt niet meer luchtwaardig bevonden, na vijf jaar opslag. Tijdens de ALV van
29 maart 1946, wordt voorgesteld om de naam van de club te wijzigen in
Gooische Zweefclub. Tijdens de rondvraag wordt geinformeerd naar de stand
van zaken betreffende het gebruik van het vliegveld bij Loosdrecht. Dit blijkt
vooralsnog nog niet te kunnen.

Op 12 mei is er wéér een ALV, waarin wordt besloten de naam van de HZKL te
wijzigen in Gooische Zweefvliegclub.
Het vliegterrein bij Bussum “De Oude Renbaan” mag nog steeds worden
gebruikt, dus daar wordt in 1946 gebruik van gemaakt in samenwerking met de
ACvZ. In de loop van het seizoen blijkt dat liermotor niet helemaal jofel meer
is. Er wordt besloten een Cadillac tankmotor van 120 pk, aan te schaffen. Een
investering van fl 800,--, niet in kas. Er wordt een beroep op de leden gedaan…..
In mei 1946 wordt een ESG, de PH 117, afgeleverd, uitgeleend door de
KNVvL, die alle zweefvliegclubs van zweefkisten voorziet. Na een kraak gaat
hij weer terug naar Terlet.

Dat jaar staat ook tijdelijk, een prestatiekist PH 80 Minimoa (een dergelijk type
wordt op dit moment weer gebouwd door Bob Persijn e.a.) ter beschikking van
de Gooische Zweefvliegclub. Drie ESG toestellen (allen door de KNVvL
geleverd) worden ingezet voor de opleiding: de PH 124, de 131 en de 133. Geen
van allen zijn een lang leven beschoren. De PH 124 werd in 1949 en de PH 131
werd in 1952 afgeschreven als gevolg van een kraak. De PH 133 ging in 1952
tenonder in Soesterberg.

In april 1947 wordt er weer een tentoonstelling georganiserd in het Hof van
Holland. Er stonden een Grunau Baby en een ESG opgesteld, die veel aandacht
trokken, en er werd ijverig aan ledenwerving gedaan.

3-hzkl

In 1947 kreeg de GOZC de beschikking over nog twee ESG’s: de PH 137 en de
PH 141. In mei van datzelfde jaar werd de PH 141 zwaar beschadigd bij een
landing en in juli de PH 137. Beide kisten werden afgeschreven. De techneuten
van de club hadden wel érg veel werk te verzetten in die tijd……

Zomer 1947: de Gooise kan eindelijk zijn zweef-ei kwijt op een écht vliegveld.
Een schitterend terrein van 750 x 750 meter , gelegen tussen Hilversum en
Loosdrecht. Het onderkomen van de GOZC is in een oude boerderij aan de
Rading.

Op 27 juni begon (het tweede) zweefvliegkamp van de Gooise. Voor ons
bekende namen passeren de revue: Bob Persijn wordt lid en Ad Pothoven haalt
zijn A brevet. In augustus wordt een zweefkamp gehouden door de DSA en door
de ACvZ. Er werd goed gevlogen. Met de Grunau Baby kwamen de
Amsterdammers op een hoogte van 1500 meter.

De GOZC’ers kijken verlangend uit naar de Baby die binnenkort de Gooise
vloot zou komen versterken. De kisten worden gebouwd bij Fokker en door de
KNVvL uitgeleend aan alle zweefvliegclubs.

Hoofdstuk 2: De Wederopbouw (1948- 1965)

In 1948 had de lier, die door een paar leden was gebouwd, nationale faam
verworven. Van diverse zijden was men belangstellend naar het Gooise
apparaat. Het hart van de lier was de motor van een Amerikaanse tank uit de
Tweede Wereldoorlog, een Cadillacmotor van 140 pk met een automatische
versnellingsbak. Er was één trommel gemonteerd met een kapinrichting.
Er werd niet alleen gelierd: de club kreeg ook de beschikking over een
sleepvliegtuig, een De Havilland Tiger Moth, eigendom van de Nationale
Luchtvaart School die gevestigd was op Hilversum. Eén van de sleepvliegers
was Ida Velthuizen van Zanten. Ida was een bekend vliegster. Tijdens de oorlog
was zij pilote bij de ATA, Air Transport Auxilliary, een onderdeel dat
vliegtuigen van de fabriek naar de geallieerde gevechts-squadrons vloog in
Engeland.

De hangar van de Gooise was een grote gehuurde loods buiten het vliegveld,
gelegen aan de Raaweg te Loosdrecht, nu links van de Boni. De huurprijs
bedroeg fl 300,-- per jaar. De kisten moesten de weg oversteken om op het
vliegveld te komen. De club had in 1948 de beschikking over een Grunau Baby
PH-153 en een ESG de PH-124. Later in dat jaar werd nóg een kist aan de vloot
toegevoegd: een Grunau Baby PH-163. In de zomer, in juli werd door de Gooise
een kamp georganiseerd op Terlet, waarbij met de Baby een hoogte van 1800
meter werd behaald. Sweers, de penningmeester, vloog zijn C’tje tijdens dat
kamp en een aantal leden behaalden het A brevet.

Op vliegveld Hilversum werd in 1948 een nieuw type twee-zitter door de
KNVvL getest: een Gö-4. Een lestoestel met goede prestaties, waarbij leerling
en instructeur naast elkaar zitten.

In 1949 komen we een bekende naam tegen op de ledenlijst: Paul Hühne.
Uit het jaarverslag van de Gooise Zweefvliegclub van 1949 is te lezen dat het
enthousiasme van de leden danig is verminderd na de opleving van vlak na de
oorlog. Er waren maar vijf vliegdagen geweest waarbij de vloot compleet
aanwezig was. Het weer was slecht dat jaar, en werd het een en ander gekraakt
waardoor er weinig gevlogen kom worden. Er werden totaal 1139 lierstarts en
vijf sleepstarts gemaakt. Te weinig. Kortom kommer en kwel dat jaar…..

Een jaar later, in 1950 gaat alles weer wat beter. Er komt een nieuw toestel de
gelederen versterken. Een éénzitter, de DFS Olympia PH-174, gebouwd bij
Fokker en verhuurd door de KNVvL. Het vliegtuig is een prestatietoestel met
een glijhoek van 1:25. (Deze kist werd later, in 1963, verkocht aan een
zweefvlieger in Denemarken en is in 2004 weer terug naar Hilversum gekomen,
echter niet meer luchtwaardig. red) In juli komt een radioploeg van de NRU
(Nederlandse Radio Unie) opnamen maken bij de Gooise, om de geachte
luisteraars wat te laten proeven van de zweefvliegsport.

In 1951 wordt er goed gevlogen met de vier clubkisten. In de zomer heeft de
club de beschikking over een vliegtuig van de KNVvL, tot dat moment vliegend
bij de Zuid Hollandse Vliegclub: een Gö-3 Minimoa PH-80. Een schitterende
prestatiekist, momenteel te bewonderen in de Gooise werkplaats, waar o.l.v.
Bob Persijn een replica van deze kist wordt gebouwd.

24 september 1951 maakt een clublid een bijzondere landing met de Grunau
Baby. Op final, richting 013, komt hij tekort en vliegt in het dakraam van een
boerderij op de Raaweg. De 18- jarige vlieger stapt op zolder uit en mankeert
wonderwel niets……

4
de Grunau Baby in het dak van de boerderij

Het jaar daarop in 1952, wordt de vloot uitgedund door het ongeval met de ESG
PH-131, de kist overtrok op final en werd volledig vernield. (Op de zolder
boven de hangar zijn nog wat onderdelen, zoals een vleugelligger, van deze kist
te vinden. red.) In datzelfde jaar wordt een nieuwe prestatiekist, een Slingsby
T30a Prefect, de PH-194, bij de Gooise geïntroduceerd. De zweefvliegers van de
GoZC wilden wel eens weten wat de beste steeksnelheid was van deze clubkist.
Er werd een studiegroep gevormd en onder leiding van Bob Persijn ging die aan
de slag om de polaires te bepalen van de Prefect. Tijdens in totaal 53 meetvluchten
werden, op een op de knie van de vlieger bevestigd schrijfbordje, de
gegevens genoteerd en konden zaken als de snelheidspolaire nauwkeurig
worden vastgelegd.

De club groeit en heeft rond de honderd leden. Er ontstaat een nauwe samenwerking
met twee andere zweefvliegclubs uit de regio: de OSO (Omroep Sport
Organisatie) speciaal voor medewerkers van de in Hilversum gevestigde
Omroepen, zoals de toen bekende AVRO reporter Wim Ruth. In later jaren zijn
deze club helemaal opgegaan in de GOZC. Ook de KLu Zweefvliegclub heeft in
deze tijd gevlogen bij de Gooise.

5
Slingsby T21b “Sedbergh”

In 1953 wordt een kist voor het DBO- (Dubbel Besturings Onderricht) lesgeven
aan de vloot toegevoegd, een Slingsby T21 “Sedbergh” de PH 201. Het is een
open tweezitter side-by-side, waardoor het geven van instructie bijzonder
makkelijk is geworden, maar wel fris…… De lier wordt in 1953 ge-updated:
er wordt een tweede trommel gemonteerd zodat de startproductie omhoog kan.
Als kabelauto wordt een Willy Jeep, geschonken door clublid Otto Koch,
gebruikt. Het gaat dat jaar wel slecht met de penningen vanwege de vele
kraken…. De Minimoa PH-80, door GOZC leden “Mooie Mientje” genoemd,
staat tijdelijk weer op Hilversum en er wordt ijverig gebruik van gemaakt. Otto
Koch doet mee met de nationale kampioenschappen met de Minimoa en wordt
tweede. In oktober worden doellandingswedstrijden gehouden. Er mogen géén
remkleppen worden gebruikt….. Winnaar is Frits Seijffert op de Minimoa.
Het bestuur wil het contact mét de leden en tússen de leden verbeteren, en
besluit om een clubblad uit te geven. In september 1953 wordt nr 1 van jaargang
1 van “De Overland” ten doop gehouden.

1954 wordt het jaar van de communicatie: er worden proeven gedaan met het
inbouwen van zend- en ontvanginstallatie in het vliegtuig en in de startwagen.
Op 15 mei wordt de zendmachtiging verleend. Alles werkt naar behoren. Voor
het contact tussen de startwagen en de lier wordt een telefoonleiding aangelegd.
Langs de rand het hele veld (!) is een telefoonkabel ingegraven , om de 200
meter worden stopcontacten gemonteerd, waar een veldtelefoon ingeprikt kan
worden. Ook is dat jaar een poging gedaan om van vliegveld Hilversum een
dépendance van Terlet te maken: “Streekcentrum Hilversum”, hetgeen is
gebleven bij een eenmalige actie. De vloot bestaat uit één Sedbergh, twee
Grunau Baby’s, één Prefect en de Olympia.

De Gooise heeft 137 leden. Voorzitter van de GOZC is de heer Vierstra en Dick
Robeer is bezoldigd instructeur, technicus en ook bestuurslid.

In 1955 groeit de club verder en er worden vele prestatievluchten gemaakt met
de Olympia en de Prefect. De laatste kist maakt b.v. een vlucht van 126 km en
de Olympia maakt een duurvlucht van 137 minuten. Namen van Gooise
prestatievliegers uit die tijd: Aart Dekkers, gebroeders Munnig Schmidt, Bob
Persijn, Paul Hühne, Frits Seijffert.

Een jaar later wordt een nieuwe lesvliegtuig aan de vloot toegevoegd. Een
Schleicher Ka 4 “Rhöhnlercher”, de PH-246 komt op vliegveld Hilversum,
edoch, reeds in het naseizoen overtrok de kist bij de laatste bocht naar final en
werd behoorlijk beschadigd bij de daaropvolgende aanraking met de grond.
Een probleem voor de zwevers vormden de schapen die normaal vrij rondliepen
om te grazen. Tijdens een vliegdag werden ze naar het “Schapenweitje” (in de
hoek bij de Boni) gebracht, maar er wilde wel eens een ontsnappen. Tijdens de
landing werd eens een schaap aangevlogen en er is door de lierkabel een schaap
doormidden gelierd. Er werd regelmatig lamsbout gegeten bij GOZC leden……

In 1958 werd, onder leiding van Dick Robeer, begonnen met de bouw van de
huidige hangaar. Aan de zuidgevel van de hangar was de clubkantine gepland
(de huidige werkplaats) De leden staken de handen uit de mouwen om het werk
zo snel mogelijk te klaren en uiteraard om zo voordelig mogelijk een mooi
gebouw neer te zetten.En dat lukte. In het voorjaar van 1959 werd de nieuwe
hangaar officieel in gebruik genomen, de opening werd verricht door de
Hilversumse wethouder Sträter. In die dagen werd Vliegveld Hilversum al
bedreigd door wonigbouw plannen: de gemeente Hilversum wilde verder
uitbreiden met Plan Egelshoek, dat juist in die jaren speelde. De wethouder
kwam dan ook met enige schroom….

Gelukkig is dat plan later ingetrokken.

De Gooise Zweefvliegclub had diverse landelijke zweefvliegcoryfeeën in het
ledenbestand. Frits Seijffert werd in 1959 Nederlands kampioen en JoopJongbloeg verbeterde dat jaar het Nederlands afstandsrecord: een afstand van
570 km. Hij vloog dat record met een Slingsby T-41 “Skylark 2”, een
prestatievliegtuig met een glijhoek van 1:30, dat door de KNVvL ter
beschikking was gesteld aan de GOZC.

In het jaar 1961 wordt de Sedbergh ingeruild voor een Schleicher Ka 7, de PH-
268, een leskist met een plexikap en betere prestaties dan de T 21. De Gooise is
in 1961 uitgegroeid tot volwassen vereniging: hij telt 150 leden, waaronder 15
OSO-leden. De contributie bedraagt fl 70,-- per jaar.
Startgeld voor de tweezitter is fl 3,50. 1961 was een jubileumjaar: de Gooise
bestond 25 jaar. Dat werd gevierd met een wedstrijd Hilversum- Teuge en een
feestavond in “De Karseboom” in Hilversum.

6-ka6
Schleicher K6 PH 318

In het bestuur van de club kwamen veranderingen: Paul Hühne werd voorzitter
als opvolger van Vierstra. Ook in 1961 kwam een einde aan het dienstverband
van Dick Robeer. Sinds 1952 stond hij als instructeur en technicus op de
loonlijst.

Het ging goed met de GOZC. Op 5 december 1963 krijgt de club bericht van de
KNVvL dat e het nieuwe vliegtuig voor de Gooise, een Schleicher Ka 6, de PH-
318, op Terlet is aangekomen. De Ka 6 is een prestatietoestel met een glijhoek
van 1: 29, een echte aanwinst, met name voor de wedstrijdvliegers van de
club.Een andere kist die dat jaar op vliegveld Hilversum was te zien, was de
Sagitta PH-302, eigendom van Joop Jongblut. De Sagitta is een schitterend
Nederlands ontwerp van Piet Alsema uit 1957 en gebouwd de NV
Vliegtuigbouw in Deventer.

In 1964 wordt de toeloop van zweefvlieggegadigden zo groot dar er een
ledenstop moet worden ingevoerd. In mei werd de Ka 7 gekraakt bij een
buitenlanding: de vlieger zag een telefoonpaal over het hoofd bij de uitloop,
waardoor de rechtervleugel werd vernield…..

De Sagitta van Joop Jongblut wordt in november 1964 door de club aangekocht
en in de brief die het bestuur aan de leden stuurde, staat vermeld dat de in de
ledenvergadering afgesproken aanschaf van een Ka 8 gewoon zal doorgaan.
De Gooise vliegers doen het goed in 1965 bij zweefvliegwedstrijden. Aart
Dekkers wordt tweede met de Ka 6 PH-318 bij de Nationale kampioenschappen
die in juni op Terlet worden gehouden. De afstanden die gevlogen worden
liggen tussen de 71 km (Terlet-De Voorst) en de 188 km (Terlet-Oerlinghausen).
De Ka 6 is de meest favoriete kist bij de kampioenschappen. Ook doen er een
paar Sagitta’s en Ka 8 ’en mee. In september 1965 wordt de eerste Schleicher
Ka 8 officieel besteld door de Gooise Zweefvliegclub. De registratie is PH-356.
De aanschafprijs bedraagt fl 11.388,-- inclusief de verplichte instrumenten.

Hoofdstuk 3: Van hout naar kunststof (1966- 1985)

In 1966, onder het voorzitterschap van Paul Hühne, viert de Gooise zijn 30-jarig
jubileum. Bij gelegenheid daarvan wordt een wedstrijd uitgeschreven, de later
jaarlijks terugkerende “Gooise Eendagswedstrijd”. Winnaar werd Aart Dekkers
met de Ka6, de PH-318. Hij had een afstand gevlogen van 191 km in een tijd
van 4.23 uur. De vloot bestaat in die jaren uit de Rhöhnlerche PH-246 en de Ka7
PH-268 voor de DBO opleiding, een Ka6 PH- 318, een Ka8 PH-356, de Sagitta
PH-302, de Prefect PH-196 en de Skylark PH-226 (eigendom KNVvL). Op het
zweefvliegcentrum Terlet werden in 1966 de eerste proefvluchten gemaakt met
de succesvolle trainer, de Schleicher ASK13.

Er was dat jaar een curieuse briefwisseling: de Amsterdamse luchtverkenners
wilden graag de in 1964 gekraakte Grunau Baby de PH-169, gebruiken om er
een linktrainer van te maken. Helaas, was het antwoord, Terlet gaf geen
toestemming en de kist was inmiddels in een kampvuur opgestookt……
Ook de Hilversumse Luchtverkenners hadden daarom gevraagd, maar ook zij
kregen nul op het request.

Bij de wedstrijden voor het nationaal kampioenschap 1967 werd Joop Jungblut
tweede met de Ka6, Aart Dekkers derde ook met een Ka6 en eindigde Frits
Seijffert ( toen voorzitter van de Gooise) op de vijfde plaats. De contributie van
de GOZC in 1967 is fl. 82,50 Het startgeld voor een tweezitter bedraagt fl 3,--,
voor de éénzitters is dat fl 2,-- per start. Op 29 april 1967 was het druk op
EHHV. Een internationale zweefvliegwedstrijd, de Victor Boin wedstrijd, werd
op Hilversum gehouden. Omdat deze wedstrijd in 1966 gewonnen was door een
lid van de Gooise, Aart Dekkers, kreeg de GOZC de eer om het in 1967 te
organiseren. Er verschenen 48 kisten aan de start.

De Victor Boin-wedstrijd werd voor de eerste keer gehouden in 1956, in België.
Victor Boin was een Belgisch athleet uit de twintiger jaren en later voorzitter
van het Belgisch Olympisch Comitee. Winnaar werd weer een Gooise
zweefvlieger: Eric Wesselius op de Ka8 met een afstand van 260 km. Bij de
tweezitters gooide het team Munnig Schmidt/ Persijn op de Ka7, hoge ogen met
een afstand van 230 km. Dat jaar werd ook de vloot uitgebreid met een nieuwe
overgangstrainer, de Ka8 PH-370.
Tijdens de jaarvergadering in maart 1968 wordt besloten tot aanschaf van een
Schleicher ASK13 (PH-405), die in het voorjaar 1969 zal worden geleverd en
rond de fl 20.000,-- zal gaan kosten. Voor de prestatievliegers was 1968 een
goed jaar: Aart Dekkers werd nummer één bij de nationaal kampioenschappen.
Het jaar daarop in 1969 herhaalde Aart dat kunststukje en werd wéér nationaal
kampioen.

7
Joop Jungblut bij de ASK13 PH 405

De Ka8 PH-356 werd in 1969 getransformeerd tot een eenpersoonsmotorzwever.
Op de romp werd een Wankelmotor gemonteerd die echter alleen
kon worden gebruikt als ‘thuisbrenger’.
Met motor aan gaf dat 30 cm p/ sec. stijgen bij een snelheid van 65 km/uur.
Starten met motor was verboden en het ding maakte ontzettend veel lawaai. Drie
jaar later was de motor exit en kwam de rust in het Gooise weer terug tot groot
genoegen van de omwonenden…… De motor verdween naar een watersportliefhebber
die hem gebruikte voor een Hoovercraft.
In 1969 heeft de club 150 leden en een zeer forse wachtlijst van 50 gegadigden
om lid te worden……

De vloot bestaat uit zeven kisten de ASK13, een Ka6, de Ka7, twee maal Ka8,
de Sagitta en een Prefect. Dat jaar was er schade: de Ka6 raakte een veldauto bij
de landing waardoor de rechtervleugel was gebroken. In mei 1970 raakte de Ka8
PH-370 zwaar beschadigd bij een buitenlanding met rugwind en kon het hele
verdere seizoen niet meer worden ingezet.

Tijdens de ALV in het voorjaar van 1970 werd besloten tot aanschaf van een
eigen sleepvliegtuig, een Piper Super Cup uit 1942 de PH-NLD. Dit vliegtuig
werd een jaar later in augustus 1971, alweer ingeruild voor een andere Piper, de
PH-VCX, omdat de eerste kist onverwachte mankementen vertoonde en
daardoor teveel aan onderhoud zou gaan kosten. Geraamde kosten fl 12.000,--
De VCX zal voor een bedrag van fl 19.950,-- + inruil van de NLD worden
aangekocht. In 1970 werd de eerste Scheibe Falke motorzwever gesignaleerd op
EHHV. Het was de PH-ART, eigendom van Aart Dekkers.

De contributie wordt in 1971 verhoogt naar fl 173,-- per jaar. Er wordt tijdens
die vergadering een oproep gedaan aan de leden om de startproductie op te
voeren: er wordt te weinig gevlogen (1970: 3600 starts)
Een probleem gaat Schiphol vormen: de RLD wil de nieuwe TMA Amsterdam
noord van EHHV naar beneden brengen tot 450 meter en tot verboden gebied
voor de zweefvliegers verklaren. Het eerst voorstel was zelfs om de basis te
verlagen tot 300 meter…..Met de RLD worden afspraken gemaakt omtrent het
gebruik van een driehoek Loosdrecht-Muiderberg-Spakenburg-Loosdrecht. Na
verkregen toestemming van de RLD mag daar gezweeft worden tot een hoogte
van 2500 ft. In oktober 1971 werd de eerste “Piet Piloot” wedstrijd gehouden:
een doellanding op een wit kruis. Dat jaar was Bram van Garderen degene die er
met de “Piet Piloot Wisselcup” vandoor ging. In 1972 doet het kunststof zijn
intrede bij de Gooise. Bij de voorjaarsvergadering wordt ook besloten om de
Ka7 niet meer te huren van de KNVvL en per 31 december af te stoten. Tijdens
de najaarsvergadering wordt gemeld dat het bestuur, zoals afgesproken, een
Standard Cirrus heeft besteld. De kist zal eind 1973 worden afgeleverd. Ook in
die vergadering wordt de invoering van een startabonnement bepleit. Men was
niet erg enthousiast en het ging dus niet door. In het bestuur wisselt voorzitter
Silliacus van plaats met zijn opvolger René Varenkamp.

Midden in de najaarsvergadering van 1973 arriveren Peter Deege en H.Osinga
met een besneeuwde aanhanger waarin een gloednieuwe Standard Cirrus. Een
gul applaus valt hun ten deel. Tijdens die vergadering wordt besloten de
zweefvliegvloot niet te verzekeren, maar er wordt wel geld gereserveerd voor
calamiteiten: de Krakenpot. Het clubblad “De Overland” verschijnt vanaf 1974
in een andere vorm: als inlegvel (het groentje) in het luchtvaartmagazin “De
Planeur”, een uitgave van Aeropress met hoofdredacteur Arie Ceelen. Dit blad
werd toegezonden aan alle zweefvliegers van Nederland.

De Gooise heeft op 31 december 1974 157 leden, en de contributie bedraagt fl
230,-- per jaar.In dat jaar werden 4600 starts gemaakt, tegen 1973 totaal 3320.
Er waren dat jaar geen kraken.

In het jaar 1975 worden plannen gesmeed om een nieuwe clubhuis te bouwen.
Tot nu toe is de kantine in een deel van de hangaar gesitueerd (de huidige
vliegtuigwerkplaats). De samenstelling van de vloot zal ook gaan veranderen: er
wordt een tweede ASK13 besteld en de Rhön zal worden verkocht. De
prestatievliegers doen het goed: Giep Franzen vliegt een nieuw Nederlands
record: 500 km driehoek bij wedstrijden in Angers.

Ook Frits Seijffert brengt een nieuw Nederlands record afstand met de tweezitter
op zijn naam met 382 km en Bert Kuyper wordt de (laatste) Piet Piloot
kampioen. De Piet Piloot doellandingswedstrijd wordt in ’75 voor de laatste keer
gehouden. De Prefect liep een paar stevige deuken op…..

8
Piet Piloot wedstrijd

Dat jaar is de Tostlier op een nieuw onderstel gemonteerd: een stoere Fiat
vrachtwagen. Eind 1975 wordt de nieuwe ASK13, de PH-453, opgehaald uit
Poppenhausen in Duitsland door Nico -Bahco- Storm en Ronald Knoote. De dag
vóór Kerst komen ze in Hilversum aan met de nieuwe kist. Het kostte veel
moeite om in 1976 een opvolger voor voorzitter René Varenkamp te vinden,
echter na veel gelobbie is Jan van der Flier bereid gevonden tijdelijk het
voorzitterschap op zich te nemen. In het najaar heeft Henk Deege daarna de
voozittershamer overgenomen.

Er is ook goed gevlogen in dat jaar: maar liefst 4933 starts zijn er gemaakt !!
In ’77 kregen de plannen voor een nieuwe kantine meer vorm. Er zou een mooi
gebouw worden gebouwd ware het niet dat de gemeente Hilversum er een stokje
voor stak. De welstandcommissie was tégen. Onmiddellijk werden de plannen
aangepast tot een voor de gemeente aanvaardbaar gebouw. In het najaar is toen
door de leden begonnen met het bouwrijp maken van het stuk grond waar het
clubhuis zou gaan verrijzen en aan het eind van het jaar stond er een prachtige
nieuwe kantine met als naam “De Invalshoek”.

De club hield dat jaar een buitenlandkamp in Frankrijk: vliegveld Moulins. Het
was een groot succes. Het weer was goed en er werd veel gevlogen. Een nieuw
fenomeen deed zijn intrede bij de Gooise: het OLC kamp. Die eerste keer was
een week met veel regen. maar wel héél gezellig….. Per 1-1-1978 waren er 126
leden, de contributie bedraagt dan fl 300,-- (+ startgeld).

De VCX werd in 1978 verkocht en de club kreeg de beschikking over een Piper
van de luchtmacht: de PH-KNO. Een tweede Piper de PH-KND werd gebruikt
als reserve, voor de onderdelen. Bij de Nationale Kampioenschappen wist Bert
Kuyper een fraaie derde plaats te behalen op de Libelle terwijl Wim Ouwerkerk
bij de clubklasse zevende werd.

In 1979 was zweefvliegclub Flevo een aantal maanden te gast bij de Gooise
vanwege de slechte conditie van het vliegveld Lelystad. (toen nog een groen
veld) De zomerwedstrijden van 1979 waren succesvol verlopen voor Bob -
Bobo- Verkroost: hij behaalde een fraaie tweede plaats. Oktober 1979 was een
zwarte maand voor de club. Een jong clublid, Ruud van Nigtevecht crashte met
de Sagitta en kwam daarbij om het leven.

Het vinden van een nieuwe voorzitter loopt in 1980 erg stroef. Henk Deege heeft
zijn termijn erop zitten, maar plakt er, op veler verzoek, nog een jaar aan vast.
Problemen zijn er bij de contractverlenging van het vliegveld met eigenaar
gemeente Hilversum. Die denkt nog steeds aan andere bestemmingen dan als
vliegveld….. De Rhön werd in 1980 geprivatiseerd: de familie Janssen
Groesbeek werd de gelukkige eigenaar. De startproductie is laag dat jaar: totaal
2610 starts, inclusief de privé-vliegers. Oorzaak voornamelijk: het slechte weer.
Aan het eind van dat jaar is een oplossing gevonden voor het voorzitterprobleem:
Han Munnig Schmidt is bereid die taak op zich te nemen met ingang
van de voorjaarsvergadering van maart ’81. Dat jaar, 1981 was een goed jaar:
kraakvrij en de club was financieel gezond. Bert Kuyper werd vierde bij de
Nationale Kampioenschappen en Willem Jan van Altena maakte zijn eerste
overlandvlucht naar Ede…..

Er komt een sleepvliegtuig bij, een Morane Saulnier, de PH-JTG. De Gooise
mag hem gebruiken van de eigenaar, maar moet wel voor het onderhoud zorgen.
De GOZC heeft een aantal jaren gebruik kunnen maken van deze kist. Midden
jaren tachtig heeft de eigenaar de kist verkocht. In de 90-er jaren is de JTG, als
gevolg van een ongeval, uitgeschreven uit het luchtvaartregister en als
speeltoestel naar een scoutinggroep in Ypenburg gegaan.

De aanschaf van een kunststof prestatie-tweezitter, de Janus, was het onderwerp
van de buitengewone ledenvergadering van juni 1982. De koop werd afgestemd:
30 tegen en 28 vóór. Een aantal leden, o.l.v. Henk Deege, was hier niet blij mee
en wilde de de aankoop van de Janus tijdens de najaarsvergadering weer op de
agenda hebben. Bij stemming bleek dat de door hen aangevoerde argumenten
vóór aankoop, een hoop leden over de streep trokken: 90 % van de aanwezige
leden stemden toen vóór. De Janus PH-595 werd aan de Gooise vloot
toegevoegd. Het zomerkamp van 1983 had een bijzondere deelnemer: de
zeventigjarige Oscar Carré. Hij kwam solo en stond vanwege dat feit op de
voorpagina van de Telegraaf. Bij de najaarsvergadering werd besloten een optie
te nemen op een overgangstrainer een ASK-23. Er werden in 1983 rond de 4000
starts gemaakt en geen kraken. Han Munnig Schmidt trad tijdens de
voorjaarsvergadering van 1984 af als voorzitter en werd opgevolgd door

9-ask23
de nieuwste aanwinst de ASK23

levensgenieter Henk Sikking. Helaas heeft Henk dit maar korte tijd kunnen
doen. Op 9 december in datzelfde jaar werd hij onwel bij een fietstocht en
overleed. De verslagenheid bij de clubleden was groot. Paul Hühne heeft het
voorzitterschap daarna tijdelijk op zich genomen.

Jos Smit vestigde op 10 april 1984 een nieuw Nederlands hoogterecord op de
eenzitter 11.277 mtr met een hoogtewinst van 9.418 mtr. Hij deed dit in
Californië USA. In dat jaar maakte de ex-clubkist, gerestaureerde Prefect PH-
194, weer zijn eerste vlucht met nieuwe eigenaar Bob Persijn.
In het voorjaar van 1985 werd een Goevier-meeting gehouden op het vliegveld.
Er waren vijftien oldtimers, waaronder vier Goeviers en een Minimoa. De
meeting was een groot succes, niet in de laatste plaats door het schitterende
weer. In het kader van de vlootvernieuwing werd de Ka8 PH-356 afgestoten en
ging naar drie Gooise leden: Gerard Rijerse, Ivo en Aart van Rheineck Leijssius.
De vervanger werd een Schleicher ASK23 de PH-765, die aan het einde van het
seizoen de vloot weer op sterkte bracht. Tijdens de najaarsvergadering van 1985
kwamen zaken aan de orde als een nieuwe aanbouw voor de hangaar t.b.v het
rollend materieel. Dat ging toen dus niet door….

De club had 158 leden en grote wachtlijst voor nieuwe leden. De contributie
bedroeg fl 350,-- daarboven kwam dan nog het startgeld van fl 7,-- plús het
minutengeld van fl 0,25 per minuut.

Hoofdstuk 4: “ De Gooise in de een-en-twintigste eeuw ” (1986- 2006)

In 1986 bestaat de club 50 jaar, dat feit wordt uitgebreid gevierd op 3 mei met
een receptie en een groot feest in de versierde hangaar. Onder de genodigden is
ook een van de oprichters in 1936 van de Goois Zweefvliegclub, de heer
Sweers. Voorzitter (van een club met 166 leden) is Gertjan Tolenaar.
De vloot ondergaat grote veranderingen: eind 1985 is de Ka8 PH-356 verkocht
aan een drietal leden van de Gooise: Gerard Rijerse en Aart en Ivo van Rheineck
Leijssius. In 1986 worden nog twee kisten afgestoten: de Ka6 PH-318 wordt
eigendom van een paar Gooise leden en de Cirrus PH-486 wordt verkocht aan
iemand van buiten de club. Aangekocht wordt dat jaar de LS4 PH-790. In juli
wordt de kist in gebruik genomen. De vloot bestaat nu uit twee maal ASK13,
één Ka8, één ASK23, één LS4 en de Janus. Er is goed gevlogen: in totaal 5419
starts in 1480 uur. De automatisering doet ook zijn intrede. Computerspecialist
Hans Leenaarts schreef een administratieprogramma dat in oktober (met succes)
proefdraaide en per januari 1987 in gebruik werd genomen.

Er is in 1987 een tweede sleepvliegtuig aangeschaft: een Piper Super Cub met
een motor van 150 Pk, de PH-ROB. In 1987 werd er weer een succesvolle
Oldtimer Meeting gehouden waaraan ook door buitenlandse oldtimer- vliegers
werd deelgenomen. Bert Kuyper werd dat jaar Nederlands Kampioen.
Lastig voor de club in 1987 waren de renovatie werkzaamheden van de grasmat
van het vliegveld: er werd een drainage- systeem aangebracht waardoor een deel
van de startbaan tijdelijk niet gebruikt kon worden.

1988 was een minder succesvol jaar: er werden ruim duizend starts minder
gemaakt dan het voorgaande jaar. Als oorzaken werden genoemd o.m. het
minder goede weer en het afnemende enthousiasme van de leden. Een, redelijk
goed afgelopen, ongeval van de Janus met Giep Franzen in Frankrijk, had als
gevolg dat deze kist een aantal maanden niet kon vliegen.

Een domper dat jaar was het ongeval op EHHV van een historisch
motorvliegtuig, een Bücker, waarbij het tragisch afliep voor ons clublid en
instructeur Wim Tolenaar, die samen met paraclublid Bertus van Dijk
verongelukte. Bert Kuyper en Bob Verkroost namen deel aan de Nederlandse
kampioenschappen en legden beslag op de 9e en de 15e plaats. Het jaar daarop,
in 1989 waren deze twee leden weer present bij het NK en hadden toen meer
succes: zij werden respectievelijk vierde ( in de 15 mtr klasse) en zesde (in de
standaardklasse)

In het bestuur vond in ’89 een wisseling plaats: voorzitter GJ Tolenaar gaf de
voozittershamer over aan Jos Smit. Op 27 mei was er weer de Gooise
Eendagswedstrijd. De meteobriefing werd verzorgd door de bekende weerman
Erwin Krol. Hans Leenaarts werd nr één op de Ka8 en de plastic klasse werd
gewonnen door Ferdi Kuypers. Dat jaar was de startproductie niet bijster hoog:
3383 starts. Wel is er veel overland gevlogen: 55 overlandvluchten met een
totale lengte van 8812 km. Hierin zijn begrepen twee overlandvluchten van meer

10-volkswagen-startbus
de Volkswagen startbus

dan 500 km (vanaf EHHV !) Jos Smit vloog 527 km op de LS4 en Bas Seijffert
startte op EHHV en legde een afstand van 525 km ook op de LS4.
In 1990 werden er weer minder starts gemaakt: 2625. Edoch het aantal overlandvluchten
was weer respectabel: 62 overlands vanuit Hilversum met een
totaal afgelegde afstand van 8375 km. De Janus en de LS4 vlogen bovendien in
de Franse Alpen ruim 2000 km. Bas Seijffert deed het goed op de NK: hij
behaalde een zevende plaats met de LS4.

Het clubblad “De Overland” werd dat jaar nieuw leven ingeblazen. Een verse
redactie bestaande uit o.a. Sabine Munnig Schmidt en Astrid van Lieshout zette
hun schouders eronder en presenteerden een volwassen clubblad in een nieuwe
lay-out. 30 juni was er een succesvolle Open Dag georganiseerd waarbij vele
bezoekers een kijkje bij de Gooise kwamen nemen.

De negentiger jaren werden roerige jaren voor de GOZC. Er werden kritische
woorden geuit richting bestuur over de veranderende ideeën en hoe de club
daarmee zou moeten omgaan. Dat resulteerde in de vorming van een groep van
negen clubleden die, onder de bezielende leiding van Giep Franzen en Hans
Leenaarts een rapport opstelde met aanbevelingen hoe het verder moest gaan
met de club.

De onderzoekresultaten, de toekomstvisie, de conclusies en de voorstellen
werden de clubleden voorgelegd in het rapport “De GOZC in de jaren negentig”,
op 28 november 1990 in een zaaltje van de Pandahal. Tot grote teleurstelling
van de opstellers veroorzaakte het rapport zo’n tsunami van weerstand dat de
commissie het rapport maar weer introk. En alles bleef zoals het was……

Jos Smit trok zich als voorzitter terug in het voorjaar van 1991, en werd
opgevolgd door Hans Leenaarts. Het sleepvliegtuig de PH-ROB bleek een
kostenverslindende kist te zijn en werd verkocht. De PH-KNO kreeg een
vervangende motor en voldeed het hele seizoen uitstekend. De sleepcommissie
is dat jaar wel de boer opgeweest voor info omtrent een andere sleepkist.
De contributie moest flink worden verhoogd naar fl 400,-- per jaar + vlieggeld
van fl 0,25 per minuut + een startgeld van fl 8,50 per lierstart.
In december 1991 werd het 55-jarig bestaan van de club gevierd met een
feestavond in het vliegveldrestaurant. Aanwezig was toen o.a. het eerste
vrouwelijke lid van de Gooise: Susan Borsong. Zij was lid in 1947 en 1948 en
heeft gevlogen op de ESG.

Tijdens de voorjaarsvergadering in maart 1992 presenteerde het bestuur een
beleidsplan voor de komende 10 jaar als alternatief voor het afgeschoten rapport
“De GOZC in de jaren negentig”. De leden konden daar meer mee leven omdat
er niet al te veel veranderde….

Ook in deze vergadering werd voorgesteld Ka6 PH-318 weer terug te kopen.
Het voorstel werd aangenomen. Door kritsche opmerkingen van een van de
leden, wordt op het nippertje deze aankoop bij nader inzien door diezelfde
vergadering weer teruggedraaid. Er werd behoorlijk wat geinvesteerd in ’92. De
houten hangaardeuren waren nu echt op en er werden soepel lopende aluminium
glasdeuren aangeschft. Het Fiat onderstel van de lier was op en werd vervangen
door de huidige VW LT45 vrachtwagen. De Pipers PH-KNO en PH-KND, tot
dan toe eigendom van de luchtmacht, werden overgenomen door de Gooise voor
een alleszins redelijk bedrag. In het najaar deed het bestuur een voorstel om de
beide Pipers te verkopen, omdat er grote onderhoudskosten voor deze kisten
aankwamen, en een nieuw sleepvliegtuig aan te schaffen: een Aviat Husky met
een motor van 180 Pk. Er werd wel wat gemord maar het voorstel werd
nagenoeg unaniem aangenomen.

Tijdens deze najaarsvergadering werd weer een poging gedaan een all-in
contributie systeem in te voeren. Dit voorstel werd vooralsnog afgestemd…..
De twee Pipers, de KNO en de KND, werden in 1993 voor een mooi bedrag
verkocht en de opbrengst diende ter medefinanciering voor de aankoop van de
Husky. De Husky heeft in dat eerste jaar 225 uur gedraaid en voldeed volkomen
aan de verwachtingen. Er werden dat jaar 4381 starts gemaakt en er gebeurde
verder geen schokkende dingen.

In 1994 nam Lex Klein de voorzittershamer over van Hans Leenaarts. Dat jaar
waren er een paar schadegevallen: de Janus had een ingedrukt wiel opgelopen
bij een buitenlanding en de Husky een verbogen prop en schade aan de motor,
door een fout bij het taxiën. In de zomer werd voor de eerste keer een zeer
geslaagd buitenlandkamp, met 63 vliegende deelnemers en familieleden,
georganiseerd in Zbraslavice in Tjechië. In oktober werd de club beknot in zijn
vliegmogelijkheden: de TMA ging naar 3500 ft.

11
deelnemers aan het buitenlandkamp in Zbraslavic

Andere bedreigingen waren er ook: de gemeente Hilversum met in hun kielzog
de projectontwikkelaars, hadden een begerig oog op het vliegveld laten vallen en
willen het veld omtoveren tot een woonwijk….Punt van zorg ook is in 1995 het
afnemende ledental. De tradtionele wachtlijst is niet meer…. Begin 1995 heeft
de GOZC 146 leden. Het bestuur vraagt in een enquête hoe er wordt gedacht
over de faciliteiten en wat de leden willen. Het blijkt dat men over het algemeen
tevreden is met het gebodene en weinig verandering wil. Het clubblad De
Overland, wordt in een fraai nieuw jasje gestoken o.l.v. de nieuwe
hoofdredacteur Bas Ouwerkerk. In juni mogen de leden een nieuw kunststof kist
proberen: de PW5. De meningen over deze kist waren verdeeld, maar het bleek
geen optie voor de Gooise.

In 1996 wordt het zestig jarig bestaan gevierd met een open dag en een
feestavond. Door het slechte weer en een EK voetbalwedstrijd op de TV, viel de
opkomst tegen. In juni trok B&W van Hilversum het voorstel tot sluiting van het
vliegveld in….Het wordt ook een jaar van investeren. De Astir PH-1086 wordt
toegevoegd aan de vloot en er zal een nieuwe kantine van Fortis Unit Bouw
worden geplaatst. Nieuwbouw van een permanent stenen gebouw blijkt
financieel niet haalbaar. In het najaar is begonnen met de sloop van de oude
kantine en het plaatsen van ons nieuwe onderkomen onder de bezielende leiding
van Niels Kinneging en Martijn Hoogenbosch. Tijdens de najaarsvergadering
wordt Willem Jan van Altena voorzitter van de Gooise als opvolger van Lex
Klein. In 1996 worden 3861 starts gemaakt in 1026 uur. In 1995 waren dat
4369. De contributie bedraagt fl 500,-- per jaar. Een start kost fl 7,50 +
vlieggeld van fl 0,25 p/minuut.

In 1997 wordt het huurcontract met de gemeente Hilversum verlengd tot in ieder
geval 2002. De club houdt weer een kamp in het vertrouwde Zbraslavice. Het
jaar verloopt niet helemaal schadevrij: bij een buitenlanding wilde de vlieger
door een hekje, maar de vleugels niet…..Bij de najaarsvergadering werd als
proef een all-in contributie systeem geïntroduceerd voor de nieuwe deelnemers
aan het zomerkamp. 1998 was een van de natste jaren die de club heeft
meegemaakt en dat was te merken aan het aantal starts dat werd gemaakt: 2684.
Het aantal leden bedroeg 161.

Dat jaar heeft de ASK23 schade opgelopen bij een ongelukkig verlopen landing
waarbij de vlieger rugletsel opliep maar gelukkig weer geheel herstelde. De
ASK13 was in augustus betrokken bij een aanrijding in Duitsland en er was
ingebroken in de kantine en in de werkplaats. Kortom hoge kosten voor de
clubkas in 1998. In het voorjaar werd de Oldtimer rally van de VHZ op EHHV
gehouden. Rond de dertig oldtimers gaven acte de présence bij dit zeer
geslaagde evenement. Op 30 oktober overleed helaas een van de oudste
clubleden en instructeur, de sympatieke Leo van Lamsweerde. Het begint
menens te worden met het All-in contributie systeem. Bij de najaarsvegadering
wordt voorgestel om dit systeem toe te gaan passen bij alle nieuw aan te nemen
leden. Een volledig abonnement gaat fl 1.500,-- per jaar kosten.

Bij de voorjaarsvergadering van 1999 kwam een nieuwe voorzitter in beeld:
Rob Gomersbach was dit keer de gelukkige. Dat jaar dreigen er opnieuw TMA
problemen te komen. Schiphol wil de TMA uitbreiden én verlagen. Dit zal ten
koste gaan van de vliegmogelijkheden van niet alleen de Gooise, maar ook
Soesterberg en de para’s zullen daar de gevolgen van ondervinden. Edoch de
GOZC laat zich niet kennen, en in de figuur van o.a. Tom Wilschut gaan de
zweefvliegers, samen met de para’s juridisch in de aanval. In 1999 zijn deze
kosten nog redelijk te overzien. Bas Ouwerkerk heeft vier jaar de redactie
gevoerd van de Overland en hield het voor gezien, daarna komt de huidige
redactie, in eerste instantie samen met een paar andere leden, aan het roer van
ons clubblad. Het aantal starts zit weer in de lift: t.o.v 1998 een toename van 41
%. (3973 starts) De vloot bestaat uit zeven kisten: twee K13’s, één Ka8, de
ASK23, één Astir, één LS4 en de Janus.

De strijd om het luchtruim wordt ook in 2000 voortgezet. Nu niet alleen de
TMA problematiek, maar ook de verplichting om zweefvliegtuigen met
transponders uit te rusten. Dat jaar gebeurt er verder weinig. De leden maken
hun lokale startjes, sommigen gaan overland vanaf EHHV en weer anderen doen
dat in het buitenland. Kortom het kabbelt voort….
Ook in 2001 wordt er gestreden voor behoud van de vliegmogelijkheden. De
LVNL heeft plannen om de TMA blijvend te verlagen naar 2.500 ft. Er is nu
een advokatenkantoor ingeschakeld voor juridische bijstand waardoor de kosten
behoorlijk gaan oplopen. Gedurende de winterperiode is een schitterende
startwagen gebouwd.

12-dc3
nog even wachten tot je 14 jaar bent…..

In het voorjaar barst de MKZ crisis uit (mond-en-klauwzeer ), waardoor de ZCR
niet meer mag vliegen op Deelen. Zij vinden een tijdelijk onderdak tot begin
juni bij de Gooise.

In februari 2001 gaat de GOZC het net op. Onze succesvole website
www.gozc.nl, gebouwd door webmaster Merijn Visman, ziet het levenslicht.
Tijdens de najaarsvergadering neemt Jan Gründemann het roer over van
voorganger Rob Gomersbach.

De voorjaarsvergadering van 2002 verliep wat onrustig door de contributievoorstellen
van het bestuur. Als compromis wordt een voorstel gedaan om
eenmalig een bijdrage van € 100,-- (per 1-1-2002 waren de guldens verdwenen)
te vragen van de leden i.pv. een rigoureuzere comtributieverhoging ter dekking
van de begroting. Niet iedereen is het daarmee eens, maar de meerderheid
beslist…..Er ontstaat nog meer onrust over de onzekere toekomst van vliegveld
Hilversum en de Gooise. Het bestuur presenteert een beleidsplan “De vliegende
Gooiers in de komende jaren” en er worden allerlei werkgroepen gevormd die
gaan discussieren over de toekomst van de GOZC. De discussiegroepen brengen
verslag uit aan het bestuur. De voorgestelde veranderingen en wensen van de
clubleden blijken niet al te veel te wijzigingen met zich mee te brengen in de
structuur en doelstellingen van de club. Dus alles bleef zoals het was……..

Andere bronnen van zorg voor het bestuur waren ook de zich nog steeds
voortslepende besprekingen met de LVNL, de transponderverplichting per 1
januari 2003, het ledenverloop en de financiele situatie. De contributie wordt
vanaf 2002 verhoogd met het inflatiepercentage en bedraagt € 585,-- , er is dan
ook nog een contributie “oude stijl”. De € 100,-- wordt terugbetaald aan de
diverse leden omdat het bedrag niet is gebruikt waarvoor het zou worden
bestemd: juridische kosten en transponders. Er zijn in het jaar 2002 totaal 3008
starts gemaakt. Eind 2002 wordt de ASK23 verkocht en op 21 februari 2003
wordt een tweede LS4 toegevoegd aan de vloot: een LS4b de PH-1282.
In 2003 is er veel overlandgevlogen in het buitenland in totaal 25140 km.
Ondermeer in Buno, St.Crepin, Serres en Zbraslavice.

Het huurcontract met de gemeente Hilversum is verlengd tot 2012. Dus een
bedreiging minder. De TMA is uitgebreid: boven het veld verlaagd naar 2.500
ft. In de weekenden krijgen we toestemming om tot 3.500 ft te klimmen , doorde-
week moet het worden aangevraagd. De regeling treedt begin 2004 in
werking. Het heeft een hele hoop geld gekost en de juridische kosten overschrijden
ruimschoots de begroting.

Maar de strijd was nog niet gestreden……
De transponderverplichting is uitgesteld tot 2008. De volkslogger doet zijn
intrede. In mei 2003 moeten we afscheid nemen van een populair clublid en
erelid: Henk Deege overlijdt op 84 jarige leeftijd. Op een mooie zomerdag, op
14 september, wordt een nieuwe tweezitter, een DG-1000, naar EHHV
gehaald. Diverse clubleden maken een proefstart met deze kist.

De Husky maakte in het najaar een duik in de sloot en kon een aantal maanden
niet meer worden ingezet. Begin 2004 kwam de kist weer in dienst met een
compleet nieuwe motor. Bij een woelige voorjaarsvergadering in 2004 wordt
het beleid van het bestuur door een aantal leden flink bekritiseerd. De juridische
kosten, de communicatie naar de leden en het debiteurenbeleid zijn punten van
kritiek. Het bestuur kan aan een aantal van de eisen tegemoet komen. In het
bestuur verandert een en ander. De club krijgt in het voorjaar te maken een
strenge penningmeester, en in het najaar overhandigt Jan Gründemann de
voozittershamer aan Willem Jan van Altena. Aanvankelijk voor een periode van
anderhalf jaar……De TMA regeling werkt naar behoren, echter bij het door-deweek
vliegen wordt de vrijstelling een paar keer geweigerd. Het ledenaantal
blijft het bestuur zorgen baren.

Er zijn in totaal 136 leden eind 2004. Dat heeft ook zijn weerslag op de
financieële situatie van de club. In 2005 wordt het oude contributiesysteem
voorgoed vaarwel gezegd. Men kan alleen nog een volledig of een beperkt
lidmaatschap aangaan. Een all-in abonnement kost dan € 621,--. Op 2 januari
overlijdt erelid en oud- zweefvliegcoryfee Aart Dekkers op 85 jarige leeftijd.
Dat jaar wordt begonnen met structureel introductiestarts te gaan uitvoeren ter
vergroting van de clubinkomsten. Het ZVB is vedwenen en de zwevers lopen nu
met een GPL op zak ten bewijze van hun vliegvaardigheid. De TMA perikelen
blijven. De weekenden gaan goed maar door-de-week wordt bijna geen
toestemming meer gegeven. In het najaar gloort licht aan de horizon. De TMA
wordt weer vrijgegeven tot 3.500 ft boven EHHV. De regeling zal in maart 2006

13-junior
folder van onze nieuwe kist de SZD Junior

van kracht worden. Er komen meer veranderingen. Het introduceé vliegen gaat
steeds meer gestructureerd en vormt een wezenlijke en welkome aanvulling van
de GoZc begroting. De werkplicht wordt ingevoerd: 40 uur per jaar werken als
je een volledig abonnement hebt. Voor 7,50 per uur kan het worden afgekocht.
In de voorjaarsvergadering van maart 2006 komt het bestuur met een ambitieus
plan: het “Strategisch beleids- en investeringsplan GOZC ” Het plan is opgezet
door penningmeester Hans Cuppen en wordt volledig gedragen door de Gooise
leden. Het behelst het doen van grote investeringen om de vloot te vernieuwen
en de hangar uit te breiden. De twee Gators worden door een clublid
geschonken, ze vervangen de derde-hands veldauto’s en blijken een belangrijke
verbetering. De pas aangeschafte kabeltractor bleek een miskoop en werd weer
ingeruild voor een grotere Gator. Bij een bijzondere ALV in mei wordt besloten
om twee SDZ Juniors en twee DG-1000’s aan te schaffen. Al in juni komen de
beide Juniors: de PH-1372 en de PH-1373. Een aantal leden schiet te hulp om de
Juniors te financieren. Op 4 augustus overlijdt een sympathiek clublid en trouw
deelnemer aan de OLC- woensdag: Han van Hasselt. Het buitenlandkamp wordt
gehouden in Idar Oberstein o.l.v. de familie Gomersbach. Het OLC kamp is in
Zbraslavice.

Begonnen wordt met het aanvragen van een bouwvergunning, omdat de
planning is de bouw van de hangaar te beginnen op 1 september. De vergunning
laat echter op zich wachten en wordt pas in november verleend. De aanvang van
de bouw moet worden uitgesteld. Op 9 september 2006 bestaat de club 70 jaar.
Dit wordt met een geslaagde Open Dag en een spetterend feest gevierd. De
feestcommissie o.l.v. Paul Poellenije kon met een tevreden blik terugzien op de
festiviteiten van die dag. De jubileumlaflevering van De Overland wordt deels in
kleur uitgevoerd.

Een trieste dag was 11 oktober 2006: Tom Wilschut was plotseling overleden.
Hij werd 60 jaar. De ASK13 PH-453 is betrokken bij een ongeval op de autoweg
en zal niet meer vliegen dit jaar. Gelukkig komt er een alternatief. Bij de
Zaanse is een ASK13, de PH-497, overcompleet en deze kist komt naar
Hilversum. Bij een lierstart vliegt de kap open en raakt beschadigd. De kist blijft
in handen van de Gooise omdat een aantal leden de aankoop hebben gefinancierd.
Eind 2006 hebben we 160 leden die met elkaar 3050 starts hebben
gemaakt. In het voorjaar van 2007 zal de bouw van de hangaar van start gaan !!

Hoofdstuk 5: De Gooise vernieuwd (2007- 2011)

In maart van het jaar 2007 wordt gestart met de bouw van de nieuwe hangaar.
De leiding was in handen van Wim Ouwerkerk, Niels Kinneging en martijn
Hoogenbosch.

Eerst werd er gesloopt, een taak die een hoop leden met veel enthousiasme
volbrachten. Daarna kwam de asbestverwijdering, gietvloeren aanbrengen,
stalen spanten werden gemonteerd, houten balken gesteld, wanden geplaatst,
glas gezet, de dakpanelen gemonteerd, getimmerd en geschilderd etc. etc. etc.
Eind 2007 was het gebouw wind- en waterdicht.

In december was er een “Pannenfeest” n.a.v. de voorspoedig lopende bouw.
De leden konden een balk sponsoren, je naam werd op een balk geschilderd door
Gerard Rijerse. Dat bracht rond de € 12.000 op. Veel clubleden hebben
meegewerkt aan de bouw van ons nieuwe onderkomen.. De Astir PH 1086
wordt in 2007 verkocht, op dit moment vliegt hij in Duitsland rond als D1086.
In de zomer doen Mattijs Hoogenbosch en Alexander Diepeveen mee aan de
Juniorenwedstrijden. Mattijs eindigt op de zesde plaats. Een DG1000 van de
NOP komt in mei een dag proefvliegen. De OLC houdt zijn zomerkamp in
Udersleben, Oost Duitsland. Er worden in 2007 4720 starts op clubkisten
gemaakt. Het aantal leden leden per 31 december is 185.

2008 was een jaar waarin redelijk wat dingen gebeurden. Op 7 februari was het
clubhuis in een trouwzaal veranderd. Ambtenaar vd Burgelijke Stand Sabine
Munnig Schmidt voltrok het huwelijk tussen Stefanie Koele en Harry van
Altena. De bouw van de hangaar nadert zijn voltooing. Er resten bij het begin
van het vliegseizoen nog wat kleinere klussen die in de loop van het jaar zullen
worden uitegvoerd.

Twee clubleden overleden in het voorjaar: eerst Dick Winder en een maand later
onze Overland auteur met de vele synoniemen, Bert Zabel. In het najaar is er
weer een overlijdensgeval: Paul Poelenije, motor achter vele clubactiviteiten, is

14
Bob Persijn geridderd door burgemeester Bakker van Hilversum

niet meer. Vanaf juni 2008 geldt er een transponderverplichting in bepaalde
delen van het luchtruim. Ook de Gooise ontkomt er niet aan er wordt stevig
geinvesteerd in transponders. De heren van de LVNL maken het verder ook niet
leuker: ze willen onze maximale hoogte terugbrengen naar 2500 ft. Maar we
pikken het niet en onder leiding van Jeroen Bruyning wordt de aanval ingezet.
Een andere bedreiging is Natura 2000, dat er voor zorgt dat er boven bepaalde
natuurgebieden geen vliegtuig meer mag komen. Het zou kunnen dat de Ka8
wordt aangezien voor een roofvogel……Willem Jan van Altena gaat nog een
termijn functioneren als voorzitter. De Pirat van Bert Zabel wordt door zijn
familie aan de Gooise geschonken. Een clubje jongeren gaat hem onderhouden
en vliegen. Op 5 september is het weer feest op de Gooise: erelid Bob Persijn,
(hij is lid van de Gooise sinds 1947) krijgt door Burgemeester Bakker van
Hilversum een lintje opgespeld als lid in de Orde van Oranje. Het lintje krijgt hij
voor zijn jarenlange inzet voor de club. De club wil een nieuwe lier aanschaffen,
de keuze is gevallen op een Engelse Skylaunch. Een dergelijke lier wordt een
dag geleend van Terlet om hem uit te proberen. Test geslaagd. Cineast Ferry
Rietveld presententeert de kaskraker “Top Fun”, de film is nog steeds te
bewonderen op onze website. Op 8 november is er de Nationale Zweefvliegdag.
Ditmaal in de universiteit van Utrecht. De organisatie berustte bij de Gooise
onder de bezielende leiding van Hans Cuppen. Het was en doorslaand succes.
Geshowd werd onder meer de eerste DG1000 van de GoZC: de PH 1431.

15
officiele opening van de hangaar door Wethouder Jan Rensen

In 2008 zijn er 4524 starts gemaakt met clubkisten.
De contributie bedroeg € 702,-- en het aantal leden op 31 december was 197.
De nieuwe DG1000 PH 1431 en PH 1432 werden bij aanvang van het vliegseizoen
2009 in gebruik genomen. De Tostlier kon het nét aan: het kostte veel
kabelbreuken. Tijdens het zomerkamp werden ze volledig worden ingezet voor
de eerste opleiding. Zondag 8 maart vertok de PH 497 richting België. De kist
was verkocht aan het Vlaamse Zweefvliegcentrum te Geradtsbergen. De Gooise
kende haar verantwoordelijkheden m.b.t. de gezondheid: er werd een AED
aangeschaft, een levensreddend apparaat ingeval iemand hartproblemem krijgt
in het clubhuis of op het veld .Op 9 mei zijn er twee evenementen: de hangaar
wordt officieel geopend door de Hilversumse wethouder Jan Rensen. Ook is de
GOZC gastvrouw van de NVVD (Nederlandse Vrouwen Vliegdag) De Dag is
een groot succes niet in de minste plaats soor het uitstekende weer. ‘sAvonds is
er een groot feest tot in de kleine uurtjes. Vreemde uitgedoste figuren liepen er
rond: het thema van het feest was “Sprookjesfiguren” De fantasieen van de
Gooise leden kenden geen grenzen…

Goed nieuws was ook het bericht dat de CTR van Soesterberg had opgehouden
te bestaan. Voor de nieuwe lier was een DAF vrachtauto aangeschaft. In het
voorjaar 2009 werd de wagen naar de Skylaunch fabriek in Engeland (Wamm,
in de buurt van Liverpool) gebracht door chauffeuse Astrid van Lieshout samen
met Martijn Hoogenbosch. Een maandje later hebben Jan Gründemann met
chauffeur Sjoerd Seckel de liercombinatie weer opgehaald. De aankoop van de
lier werd voor een belangrijk deel door Gooise leden gefinancierd.

Bij het zomerkamp functioneerde hij zoals het hoorde: fantastisch.
De OLC ging naar Udersleben in juni en de club had haar buitenlandkamp ook
op datzelfde vliegveld Udersleben. Op 6 juni overleed een van de oudste leden
Martin Padding op de leeftijd van 87 jaar. In september had de club de VHZ
najaarsrally op bezoek. Een hele week oldtimer vliegen. Het was een groot
succes. Tijdens de najaarsvergadering in november ontstond enige commotie
toen het bestuur voorstelde de Janus onmiddellijk in de verkoop te doen ten
faveure van een nieuwe, nog nader te bepalen, tweezitter. De jeugd kwam in
opstand: er was nog geen nieuwe tweezitter en zij wilden graag Janus vliegen.
Het voorstel werd ingetrokken en er ging een commissie op zoek naar een
waardige vervanger. Het ledental was op het einde van het jaar 200. (!) Dit is
gelijk het maximum aan leden dat de club wil hebben. Het was ook een topjaar
wat betreft het aantal starts: er werden 5643 starts gemaakt op clubkisten.
In de winter van 2010 is het druk in het clubhuis. Een paar pensionadas zijn
doende de wanden en plafonds te schilderen, en er wordt nieuwe vloerbedekking
aangebracht. Alles ziet er weer uit als nieuw. In het voorjaar werd de buitenzijde
van het clubhuis onderhanden genomen. In maart was er een cursus reanimatie/
AED gebruik in de kantine, georganiseerd door Astrid.

In de voorjaarsvergadering verlaat Hans Cuppen het bestuur en Hans van Dijk
wordt de nieuwe Penning. De transponder moet vanaf 11 maart “on” boven de
1200 ft. Het EHHV zomerkamp was weer vol en dus gezellig. Er werd goed
gebruik gemaakt van het zwembad. Udersleben werd weer bezocht door de OLC
en het buitenlandkamp was daar ook.. Het eerste kamp was gezegend met prima
weer, het tweede kamp moest met minder genoegen nemen. Mark den Butter
behaalde een vierde plek tijdens de Nationale Junioren wedstrijd. In september
overleed oud instructeur Ivo van Rheineck Leijssius op de leeftijd van 87 jaar.
In het weekend van 17 september gingen de zwevers springen en de springers
zweven. Er waren in 2010 overigens veel regenachtige dagen die het
zweefvliegen dwarsboomden. Tijdens de najaarsvergadering wordt besloten een
Duo Discus XLT aan te schaffen. Een tweezitter met een “thuisbreng motor”.
Een investering van rond de € 180.000 ……

Op 12 januari 2011 overleed de sympathieke havenmeester en oud GoZC lid,
Joop Willemse. Het bestuur deelde in het voorjaar mee, dat het had besloten de
maximale leeftijd voor het geven van instructie, passagiersvliegen
passagiersvliegen en sleep-vliegen, vast te stellen op een leeftijd van 72 jaar (!!!)
De overbodig geworden Tostlier kreeg een nieuwe eigenaar. Een zweefvliegclub
uit het oosten van Duitsland werd de nieuwe bezitter.Tijdens de voorjaarsvergadering
van 2011 werd een nieuwe voorzitter gekozen: Willem Jan trad af
na 6 ½ jaar en Ernest ter Hart werd onze nieuwe voorzitter. Ook Tamme de Bos
verlaat het bestuur en zijn plaats als tweede penningmeester wordt ingenomen
door Freek Padding. Besloten wordt om, dankzij de financiele hulp van de

16-dg-udersleben
de GO1 in Udersleben

leden, die meer dan 100.000,-- aan de club wilden lenen, de Duo Discus te gaan
bestellen. De Janus wordt te koop aangeboden. Er is een feestcomissie gevormd
o.l.v. Ferry Rietveld, die de jubileum-festiviteiten t.g.v. het 75 jarig bestaan van
de club in goede banen moet leiden.

De OLC gaat weer naar Udersleben, er is dit jaar helaas geen buitenland-kamp
voor de jongeren.

Op 10 september is dan het feest bij gelegenheid van het 75 jarig jubileum van
de GoZC. Het was een spetterende happening. Het weer was fantastisch, zodat
veel bezoekers een start konden maken. Burgemeester Broertjes van Hilversum
kwam een kijkje nemen. ‘sAvonds was er een spetterend feest met een lifeband.
De gasten kwamen in een Wild West look. Er kwam een jubileumuitgave van de
Overland, compleet met een DVD waarin veel foto’s en films over het heden en
verleden van onze Gooise……
En daarna, wat zal de toekomst brengen? Zal de Gooise ook het 100 jarig
bestaan nog meemaken?
Is er dan een betonnen baan? Bestaat het vliegveld dan nog wel?
Wie zal het zeggen…..

Bronvermelding:
GOZC 1936-1986
W.J.Janssen Groesbeek e.a.
Nederlandse Luchtvaart Registers
Herman Dekker
Eigen Perk 1989/ 4
Historische Kring Albertus Perk
Archief GOZC

17-oud-logo
10 september 2011, een antiek Gooise bord wordt aangeboden aan voorzitter Ernest ter Hart

18
het was een gezellige drukte…

19-burgermeester
burgemeester Broertjes van Hilversum in gesprek met Ernest en Hans

20
een paar in Wild West outfit gestoken feestgasten